maandag 19 oktober 2009

En de druif kreunde en steunde...


Nadat Oscar even kort bij ons langs was geweest, was hij naar de Kruidentuin gegaan. Daar was hij een uurtje later nog. Wij werden begroet door hem als oude vrienden en Oscar ging er zelfs bij liggen rollen. Nu kwam net de zon een beetje door, en dan is het erg lekker om even te rollen. Tenminste, voor haarfabrieken is dat zo.



Maar je kan het natuurlijk ook overdrijven, en dat deed Oscar. En we moesten hem nog over zijn buik kriebelen ook. Nou, vooruit dan maar, heh? Nee, schone handen hielden we daar niet aan over...



Zo. Eindelijk klaar, Os? Zullen we nu iets leuks gaan doen? Iets nog leukers dan dit, bedoelen wij? Wel, bijvoorbeeld rondkijken of er nog meer kattenvolk rondloopt?


Want Mini bijvoorbeeld was ook in de Kruidentuin. Aan de kant van de huizen dus. Het leek alsof zij iets zeer belangrijks in het oog had, dus tijd om maar eens wat aandacht te gaan besteden aan die fascinatie van Mini.



Ach natuurlijk, de druivenrank was zeer interessant. Die moest verkend worden, dat was duidelijk. Op zich niet zo spannend, maar dat kon nog komen. Als kattenfotograaf moet je vooral veel geduld hebben.





En ons geduld werd beloond. Toen de voet van de rank genoeg was verkend door de kleine poes, moest zij omhoog. Dat kon nog een aardige serie foto's opleveren. En wij hoopten natuurlijk ook op een flinke "bloeper" (van Mini's kant dan, heh?).



Er werd nog even overlegd. Of Oscar mee naar boven ging? Wel, wij wilden ons daar niet mee bemoeien maar het leek ons geen goed plan. Mini is nog jong en licht en de takken zouden haar wel kunnen dragen. Maar Oscar?



Afijn, het besluit werd genomen. Mini ging alleen en deed dat snel. Met een kordate sprong verdween zij de hoogte in.



Nee, geen scherpe foto want het ging echt razendsnel! Want omdat de takken toch niet zo stevig bleken, moest Mini haar pootjes vaak en rap verzetten om zo nog een beetje houvast te vinden.



Maar het was erg knap, wat ze deed.


Dat vond Oscar ook. Hij keek vol bewondering naar hoe Mini de druif inklom en twijfelde toch of hij haar niet zou volgen.



En Mini keek om om Oscar aan te moedigen. Of het was als spot bedoeld ("kijk eens wat ik kan en jij lekker niet!"), dat kan natuurlijk ook. Wij neigen eigenlijk, nu zo achteraf, naar het laatste.



Mini moest vervolgens weer even bij de les blijven want ze gleed uit. En donderde dus bijna naar beneden. Wij hebben net geen foto kunnen maken van het moment dat ze aan haar twee voorpoten aan de rank hing, maar geloof ons: dat gebeurde wel!



Nee, het was allemaal niet zo eenvoudig, het beklimmen van deze druif. En daarom des te moediger van de kleine Mini; zij is een echte doorzetter!



En vindingrijk is ze ook! Nee, hoger ging echt niet, maar wij kunnen wel stellen dat de actie geslaagd genoemd kan worden. De beklimbare top was toch min of meer wel bereikt. En dan moet je natuurlijk ook weer veilig naar beneden, heh?



Oscar wilde daarbij nog best wel helpen, maar hij was te laat. Mini kwam gewoon langs de makkelijkste weg via de dikste stam. Toch een wonder dat de hele plant niet in elkaar is gestort; wij meenden de druif te hebben horen kreunen en steunen...



Tja en vervolgens, toen Mini weer de grond had bereikt, huppelde zij er energiek en triomfantelijk vandoor. En Oscar had het nakijken. Nee, die Mini is niet bij te houden! We zullen vast nog veel van haar horen en zien!

zondag 18 oktober 2009

Storm komt eraan!


Toen wij vroeg in de ochtend de redactiekatten "los" lieten (d.w.z. naar buiten schopten om aan het werk te gaan), zat Mini uit de parallelstraat aan onze buitentafel. Nee, ze had het duidelijk niet zo op onze medewerkers. Maar dat kunt u wel zien aan de blik die ze hen toewerpt.



Japekop had helemaal geen kwaad in de zin. Dat heeft hij (bijna) nooit. Maar natuurlijk wilde hij wel weten watvoor katvolk zo brutaal aan onze tafel durft te gaan zitten. Dus liep hij naar Mini toe.



En Mini ging op de loop en dacht zich achter een stammetje te kunnen verschuilen...


Jazeker, daar kwam mevrouw Troy ook. En die is dus niet voor de poes. Maar dat komt ook doordat ze receptioniste is en ze de boel moet bewaken. Iets wat ze trouwens graag en met overgave doet.



Tja, wat moet je eigenlijk met zo'n klein ding als Mini? Nee, die kan je niet onheus bejegenen; daar is ze nog te klein voor. Dus mevrouw Troy hield zich in en viel niet aan. Wel zo rustig, heh?




Maar Mini ging toch voor de zekerheid maar een stukje verderop, en zodoende ontstond de ruimte om de plek waar zij eerst zat te inspecteren. Juist, omdat je maar nooit weet. En natuurlijk ook omdat haarfabrieken nu eenmaal erg nieuwsgierig zijn.


Mini ging er echter niet vandoor. Nee, zij is een moedig meisje. En erg oplettend ook, want ze verloor onze twee redactiekatten heus niet uit het oog, hoor!



Mevrouw Troy was op de tafel gaan zitten want dan heeft ze beter overzicht. Ook dus weer zo logisch als wat, en we weten eigenlijk ook niet waarom we u dat nog vertellen.



Toen Mini er tenslotte vandoor was gegaan omdat ze het niet eens was met onze wijze van plaatjes schieten (we kwamen te dichtbij, vond ze), dook Oscar opeens op. Inmiddels was Japekop ook verdwenen want die moest nog aan zijn dakinspectie beginnen.



Toen Oscar zag dat mevrouw Troy buiten was, gingen zijn oren even naar achteren. En dat komt dan weer doordat hij wel eens een pak slaag van haar krijgt. Nee, we weten niet waarom, maar vermoeden dat Troy hem te brutaal vindt, en daar heeft ze dan helemaal gelijk in.


Maar goed, toen mevrouw Troy (zeker in een goede bui) geen aanstalten maakte om Oscar aan te vliegen, gingen de oortjes weer in de normale stand.
En omdat de Boez er niet was om mee te spelen (hij zat achter op het dak), bleef Os niet langer rondhangen voor de redactie. Nee zeg, hij had vast wel iets beters te doen!


Mevrouw Troy had vandaag tot taak om de straat in de gaten te houden en dat deed ze goed.



Ze raakte nog even licht in paniek toen Storm langs kwam, maar Storm had geen zin in pesterijen. Blijkbaar had hij andere dingen aan zijn hoofd. Ja, zoals zijn verhuizing. Want dat gaat dus nu definitief door. En nee, hij blijft niet in Leiden wonen maar gaat helemaal naar Groningen toe! En waarschijnlijk reeds voor het begin van het nieuwe jaar. Nou, het gaat dus vast een hele saaie winter worden als Storm hier niet meer woont. En mocht u met uw haarfabrieken in de stad Groningen wonen: timmer uw luiken maar vast dicht en werp de barricades maar op! Ja, want Storm komt eraan en dat zullen jullie merken ook; dat is een ding dat zeker is!

Nieuwe fotosite....

Wij zijn een fotosite gestart! Wilt u een kijkje nemen?
Klik dan op

www.simplesite.com/stadskatten

De site zal regelmatig "ververst" worden!

zaterdag 17 oktober 2009

Cera meldt zich.


Cera had nog niet in de gaten dat wij weer thuis waren gekomen en zat bovenop de pergola. Zo kon ze dan tenminste de straat overzien en noteren wie er in- en uitreden.



Doch, opeens hoorde zij onze stem. Ze aarzelde geen seconde, kwam van de pergola af en meldde zich bij het poezenloket.



Ja, het loket moest direct open! En hoe we het in ons hoofd hadden gehaald om er zomaar vandoor te gaan! Het was een grof schandaal en ze wilde onverwijld de redactie komen inspecteren. En haar vriendje de Boez spreken natuurlijk.


Wel, daar kwam allemaal niks van. Geen inspectie, geen goed gesprek. Nee, Cera liep in draf naar de keuken om aldaar brokjes te stelen uit het bakje van de Boez. Dat zou ons leren, heh?
Nou Cera, wij zijn ook blij jou weer te zien. Ja, ook jou hebben we gemist hoor! Wil je nog een brokje of zullen we de Boez wakker maken?
Daarna wilde Cera heel graag langdurig geaaid worden. En ze was aan het goede adres, gelukkig!

Simba de Boskat


In Het Grote Bos dus, kwamen wij deze kleine uttel van 12 weken tegen.
Hij was met zijn mensen in een Camper gekomen en mocht aan het riempje een stapel boomstammen verkennen.


Wel, dat deed hij graag, dat verkennen. Heel enthousiast sloeg hij zijn nageltjes in het schors.



En proefde hij aan elk los- en vastzittend naaldje en schilfertje.


U ziet geen snorharen bij Simba? Dat klopt. Wij werden daarop gewezen door de mensen van Simba. Zij hadden hem met 7 weken gekregen en kwamen opeens tot de ontdekking dat de snorharen weliswaar aanwezig waren, maar dan wel als hele korte stompjes! Ja, erg merkwaardig. De dierenarts wist ook niet wat hier aan de hand was....



Maar goed, met of zonder snor is Simba toch een heel mooi katje. En er zit veel pit in, dat zagen wij direct. Hij duvelde op een gegeven moment in een spleet tussen de stammen maar kon daar gelukkig snel weer uit getrokken worden.
Zijn mensen willen proberen om Simba, elke keer als zij naar de bossen gaan, mee te blijven nemen. Dan moet hij natuurlijk wel aan het riempje lopen. Erg gezellig hoor, met je kat op stap! En zo gaat het vast een echte Boskat worden!
Nu maar hopen dat Simba deze uitjes leuk blijft vinden....


Wij weten van haarfabrieken die meegaan op vakantie en dat super vinden. Maar wij weten ook van katten die dat slechts een paar keer leuk vonden en vervolgens te kennen gaven liever thuis te blijven. Jawel, heuse drama's!
Wij wensen dus de mensen van deze kleine Simba veel succes toe! (En Simba natuurlijk ook.) Misschien horen wij nog eens wat van hen?

vrijdag 16 oktober 2009

De thuiskomst


Jazeker, wij zijn weer heelhuids en goed uitgerust thuis gekomen. Op de foto hierboven ziet u de kleine Simba (12 weken) die wij in het Grote Bos tegenkwamen. Een heuse Boskat dus. En overigens tevens de enige haarfabriek die wij gedurende de HELE WEEK hebben gezien. Dus dat was enigszins afzien.... Uit armoe kochten wij in Zeist bij de Zeeman aldaar een paar knotjes zeer harige wol, als compensatie dus. En een paar breinaalden daarbij, maar van het breien op zich is weinig terecht gekomen omdat er zoveel moois te zien was in de bossen van de Utrechtse Heuvelrug.....
Meer over het kleine boskatje in het bovenstaande bericht.
Wij kwamen dus vanmiddag thuis. Geen kat te zien in de kamer. Nee, want ze lagen te ronken op bed. De oppas was al vertrokken en zodoende hadden ze (vermoeden wij) niks beters te doen.
Wij roepen dus. En nog eens en nog eens. Nou, vast in slaap zeker! Wat een welkomstcomité! Wij bleven onderaan de trap staan wachten, en de eerste die zijn kop door het trapgat liet zien was de Boez. Toen hij ons ontwaarde, kwam hij rap de trap af. Dat wel. En hij had heel veel te vertellen en te vragen.



Ja, wij zijn het echt hoor, Boez! Terug van weggeweest. Alles goed met jou? Ja, met ons ook dus.



Kom maar gauw, dan gaan we even lekker knuffelen! Nou, daar had Boez wel oren naar. En dus gaven wij elkaar heel veel kopjes en kusjes. Ja, we hadden elkaar erg gemist.


Maar ja, op een gegeven moment moest wel het poezenloket open, heh? Voor de frisse neus inderdaad. Maar de Boez bleef in de buurt. Ja, je weet namelijk maar nooit....



De volgende die beneden kwam was mevrouw Troy. Zij was wat gereserveerd naar ons toe, maar het kwam tenslotte toch nog tot een korte aaisessie. T. Troy houdt verder niet zo van poespas en flauwekul, dus ging zij op de leuning van de bank wachten op wat er verder ging komen. Wel, dat was Japekop. Hij kwam trouwens niet uit zichzelf van boven. Wij moesten er zeer op aandringen en liepen daarvoor de trap op om onze snuit te laten zien. Pas toen geloofde Japekoppie dat wij echt thuis waren gekomen en was hij bereid ons te begroeten. En zo kwam het gelukkig toch nog goed.

En ja, inderdaad moeten wij nu de lens van de camera weer oppoetsen! Maar dat is een klein offer na zo'n liefdevolle begroeting.

vrijdag 9 oktober 2009

Even het bos in....

Mevrouw Katblad gaat even een weekje het bos in. Jazeker, wel met camera maar dus niet met de laptop. Omdat er dan niks komt van de broodnodige "rust".
Maar goed, dat betekent dan dat het Katblad in de komende week niet met kattennieuws zal komen. Pas het volgend weekend weer dus. Nou ja, het is niet anders!
De redactiekatten zien de bui al hangen en voelen het vertrek van mevrouw Katblad haarfijn aan. Maar zij zullen liefdevol verzorgd worden door de vaste oppas. En het huis puilt uit van de Gourmet en lekkere brokken, dus dat zit wel goed. Maar ja, het is en blijft altijd een beetje moeilijk, zo'n structuurwijziging. Wij zullen er maar weer het beste van hopen....
Tot de volgende week!!!

Vakantie...


Boez:
Het is net als de vorige keer. Toen ging ze ook druk doen in huis en dan komt die koffer tevoorschijn. Daar gaan dan allemaal kleren in. En dan gaat ze haar wielhuis volstoppen met spullen en gaat ze er vandoor.



Daarom hou ik die tas maar in de gaten. Dan gaat ze misschien wel niet. Of tenminste weet ik dan wanneer ze precies gaat. Want zonder deze tas gaat ze nooit weg.



Nee, ik vind het niet leuk als ze weggaat. Want dan komt er een vreemde in het grote bed slapen en daar ga ik dus echt niet bij onder het dekbed. Nee, want het is niet hetzelfde allemaal, als er zo'n vreemde in ons bed ligt. Ja, dat is altijd heel erg wennen. Ook voor Japekop en mevrouw Troy. Japekop wordt altijd erg chagrijnig als ze weg is, ons mens. Dan maakt hij meer ruzie met mij dan anders. En dan moet ik erg voor hem oppassen.
Nee, ik vind het dus niet leuk. Maar ze heeft gezegd dat ze niet zo lang weggaat. Alleen maar even om tot rust te komen, zegt ze. En omdat ze ons dan heel erg mist, daar waar ze dan is, wil ze het niet te lang maken, die vakantie. Maar ik heb dus eigenlijk liever niet dat ze gaat....

Boez' nieuwe vriendje.


Ja, terwijl wij Rooie Gijs op het dak stonden te fotograferen (zie bericht hieronder), had Oscar een poging gedaan ons huis binnen te dringen. Niet alleen vanwege de kattensnoepjes (je weet maar nooit of die nog ergens zijn te vinden op de redactie), maar ook omdat Os de laatste tijd vaak met de Boez optrekt. Ja, die twee zijn echt vriendjes geworden! Ze zooien en klooien samen heel wat af, zitten elkaar achterna en gaan samen de Hoftuin in om daar de boel op stelten te zetten.



Maar goed, de Boez was dus niet thuis. Die zat ergens achter op het dak. En daar kan Oscar dus niet komen, tenzij hij de route ontdekt onder de poort door en via de muurtjes omhoog. Maar die route kent hij dus nog niet. En daarom bleef hij maar wat rondhangen bij de redactie.



Heel knap hoe Os kans ziet met drie poten op de rand van een plantenpot te balanceren. Daar kan de plompe Boez nog wat van leren!
Afijn, later kwam Boez ook de straat in en hebben de beide vriendjes toch nog samen kunnen ravotten. Jammer voor Cera alleen, deze nieuwe vriendschap. Boez heeft nu minder aandacht voor zijn vriendin en dus zit zij vaker alleen.... Wij hebben met haar te doen.

Gevangen op het dak.


Vanuit de redactie zagen wij vanochtend Rooie Gijs heen en weer dribbelen over het dak aan de overkant. Dus de camera gepakt en de straat op gegaan.



Gijs had duidelijk de pest in. Hij was via het slaapkamerraam het dak op gekomen maar kan dan vervolgens niet weer terug vanwege de stand van het raam. En vanwege zijn artrose dus.



Gijs keek of en hoe hij aan deze kant van het Hof naar beneden kon komen, maar alleen Cera kan dat. Zij heeft de lenigheid om via het lager gelegen garagedak op de blauwe container te springen, maar Rooie Gijs kan dat niet (meer). Hij zat dus vreselijk te balen, daarboven.



En te twijfelen over wat hij nou moest doen. Teruggaan of niet? Ach ach, wat een ellende....



Nee, Gijs was niet bepaald in zijn sas. Maar dat is hij wel vaker niet.



Wel, Gijs bleef dus gewoon zitten. En hij zat ook een stevige partij te schelden.



Of wij hem dan niet gewoon konden redden? Ja, dan moesten wij omlopen, zijn huis binnengaan en het raam uit het kozijn slopen. Of iets anders ondernemen waardoor hij gered kon worden. Maar dat wij niets deden en gewoon foto's stonden te nemen, dat kon er bij Gijs niet in.



Hij zou natuurlijk ook gewoon kunnen springen. En dan zouden wij hem best op kunnen vangen. Met een zachte deken, ja. Hadden wij die dan niet?



Nou, het was een grof schandaal. Daar zat hij dan, de partijleider van "Hof is Vol". Helemaal in zijn eentje en door iedereen in de steek gelaten. Niemand die hem wou helpen!



Rooie Gijs bleef nog een poosje zitten mopperen. Wij gingen nog even controleren of zijn slaapkamerraam echt wel open was, en dat was zo. In principe moest hij dus zijn huis weer in kunnen. Maar ja, die artrose is dus echt een probleem. En wij hadden dus toch wel met Gijs te doen. Maar even later was Gijs toch van dit deel van het dak verdwenen. Zou hij nog een poging zijn gaan wagen door het raam te gaan? Of zat hij nu elders op het dak te krijsen en te mopperen?
Als we daar nog achter komen, hoort u het van ons. Uiteraard, heh?

woensdag 7 oktober 2009

Herinneringen.

Elke kat die bij je heeft gewoond laat een stempel achter op je ziel. Wij van het katblad, u als lezers van het katblad, weten dat beter dan ieder ander.
Wij vinden het telkens weer erg ontroerend de meelevende reacties te ontvangen en te lezen als we weer zo'n verdrietige mededeling hebben moeten brengen. Zoals nu. Max. En een tijdje geleden, Pluis. Vorig jaar, Pimmetje.
En dan staan we hier op de redactie ook weer even stil bij de haarfabrieken, huisgenoten, van wie wij afscheid moesten nemen.
Gelukkig is het alweer een poosje geleden (10 jaar!) dat wij zelf afscheid moesten nemen van onze Grote Koenk.
Zij kwam bij ons toen zij een week of tien was. De laatste van een nest; alle broertjes en zusjes waren al geplaatst maar de Koenk leek dom en sloom, was klein en bleef over. Toen wij de Koenk zagen, voelden we gelijk een zeker contact. Het klikte dus, en ze ging met ons mee naar huis. We noemden haar "Oentje" in het begin, maar al snel bleek ze alles behalve een "Oen" te zijn.
Ze was niet dom maar voorzichtig. Ze was niet sloom maar erg bedachtzaam. En eigenlijk, moesten we concluderen, was Oentje geen Oen, maar een grote, wijze poes, en wij wijzigden haar naam in "de Koenk", en later in "de Grote Koenk". We hadden de hoofdprijs gewonnen met onze Koenk.
Koenkie ging niet op een, voor haar vieze, kattenbak. Als ze een plas moest en de bak niet in orde bevond, ging ze voor die bak zitten, mauwde wat en staarde ons aan. De blikken die zij ons dan toezond, logen er niet om. Zo kwam het regelmatig voor dat wij, als de Koenk weer eens voor de ingang van de bak zat, vol schuldgevoelens opsprongen en direct gingen scheppen om alle ongeregeldheden uit de bak te verwijderen. Als wij dan daarmee klaar waren, werd de boel eerst uitgebreid geinspecteerd door Koenkie, en als e.e.a. in orde werd bevonden, deed zij haar behoefte.
Eens, toen wij een avond op pad waren, was de bak ook niet in orde, vond onze Koenk. Gelukkig stond de deur van het toilet op een kier en dus had zij zich toegang verschaft tot de mensen-wc en had haar poepje netjes in de pot gedeponeerd. Nee, Koenkie was niet dom.
Toen haar huisgenootje Mientje was overleden, bleef de Koenk lange tijd treuren. Zij beet haar buik kaal van verdriet en de fut was eruit. Wij namen toen Tokkie Troy in huis, en de Koenk had weer een doel in het leven: het verzorgen van een kleine soortgenoot. Toen Troy een nestje van vier zonen kreeg, was de Koenk de perfecte grootmoeder. Ze hielp met het wassen van de kleintjes en hield ze in de gaten als ze buiten speelden. En toen tenslotte alleen Japekoppie overbleef en door zijn moeder Troy werd genegeerd omdat hij te groot en oud voor haar was geworden, was de Koenk daar om de zorg voor het kleine ventje over te nemen. En dat terwijl Koenkie nooit zelf kits had gehad. Maar ze was dus de ideale pleeggrootmoeder.
De Koenk. We hebben veel met haar meegemaakt. We hadden echt contact met deze geweldige poes, en in tijden van ziekte of verdriet was zij er om ons bij te staan of te troosten. Zij was onze beste vriendin.
Toen, de Koenk was ondertussen 16 jaar, kwamen wij een keer van een vakantie terug en zagen wij dat het niet goed met haar ging. De oppas vertelde ons dat Koenkie sinds ons vertrek was achteruit gegaan en dat zij nauwelijks meer had gegeten. Wij gingen direct met Koenk naar de dierenarts, maar het was al te laat. Ze was heel erg ziek, terminaal, en vermoedelijk had ze gewacht met sterven tot wij weer thuis waren. We kregen nog een paar dagen om afscheid van haar te nemen, maar na 1 dag zagen wij hoe zij leed en besloten dat lijden niet te laten voortduren. Wij belden de dierenarts die, ondanks dat hij geen dienst had (het was in het weekend) bereid was naar zijn praktijk te komen. En de Grote Koenk, de Superoma, de Wijze Kat en onze grote Troost, stierf in onze armen. Nooit eerder waren wij (oke, was ik dus) zo intens verdrietig geweest. Sommige mensen zeiden later: ja, maar het was toch maar een kat? Je kunt toch weer een andere nemen? Nee, het was niet "maar" een kat. Zij was mijn grote vriendin; we snapten elkaar zonder woorden. Ze was er voor mij als ik het effe niet zag zitten. Ze kwam tegen mijn hoofd aanliggen als ik migraine had, ze kroop tegen me aan als ik me niet zo lekker voelde, de Koenk was er altijd op het juiste moment en we hoorden bij elkaar.
Niet-kattenbezitters kunnen zich dit niet voorstellen; dat je zo'n band kunt hebben met een poezenbeest. Een kattenbeest.
Ja, ik heb in het verleden ook honden gehad, blafbeesten dus. Blafbeesten kun je sturen, kun je dingen leren, zijn afhankelijk van jou en onderdanig. Best ook lief, vriendjesgevoel etc. Maar een kat? Echte liefde, oprechte liefde. En uniek. Elke kat is beslist uniek. En daardoor ontstaat er zo'n speciale band en dat maakt het afscheid nemen zo verdomde moeilijk. Elke kat is door zijn speciale karakter onvervangbaar. Er is geen tweede van. No way.
Dus elke keer als ik een bericht ontvang van iemand die afscheid heeft moeten nemen van zijn kat, voel ik dat extra intens. Het ergst in het leven is uiteraard het verlies van een geliefd mens, maar vervolgens is er het verlies van je beste vriendje, je kat. Altijd eerlijk, soms verwijtend (maar dat heb je dan verdiend), en bovendien de spiegel van je eigen geweten, van je eigen gevoelens. De kat. Jouw kat, jouw haarfabriekje.....