woensdag 4 februari 2009

Drukke boel, deel 1.


Wij moeten even voor zaken naar de Hoftuin. Omdat wij niet willen dat onze laptop met katbladadministratie wordt gestolen, sluiten wij deur en raam, dus kattenloket. De Boez weigerde binnen te komen, dus laten wij hem achter zonder vluchtmogelijkheid. Hij neemt plaats op het bloementafeltje, om daar op onze terugkomst te wachten. Als u goed kijkt, ziet u hem daar zitten.....


In de Hoftuin aangekomen, zien wij tot onze verrassing Iwan lopen. Hij vertrouwt ons toe dat hij geen plannen heeft maar zomaar wat aan het rondkuieren is. Hij wil graag met ons mee, maar wij vertellen hem dat wij eerst nog iets moeten doen. Qua zaken dus. En of hij bereid is op ons te wachten. Wel, dat is hij.


Dus als wij even later weer op straat staan, komt Iwan onze richting uit.
Wat heeft hij ons te vertellen?


Wel, Iwan klaagt. De tuin vindt hij maar niks. Kale boel. Tja, schuld van het seizoen, maar toch. Dooie boel vindt Iwan, en dus geen lol aan.


Hij toont ons even een aantal slappe, stukgevroren bladeren. Wroet er even met zijn neus in, alsof dat helpt! Wij hebben geen commentaar maar nodigen Iwan bij ons uit. Gaat hij met ons mee naar de Katbladstraat?


Wij lopen de Poort door, wetende dat de Boez daar nog zit en dus hebben wij toch wel wat haast. Immers: de Boez is nog niet zo straatvaardig en zou zomaar in moeilijkheden kunnen raken. Ons vermoeden blijkt juist. In de paar minuutjes dat wij weg waren, is Bel de Franskat komen opdagen. Hij heeft blijkbaar de Boez uitgemaakt voor oud vuil, dus is deze alvast maar naast een vuilniszak gaan zitten. De vuilniswagen kan ieder moment komen, en gelukkig zijn wij nog net op tijd om de Boez ervan te overtuigen dat hij niet gelijk een vuilniszak is. En dat wij hem nog best kunnen gebruiken.


Ja, Iwan is met ons meegekomen. Ook hij ziet Bel (niet) zitten. Bedenkt Iwan zich nu en gaat hij weer terug de Poort door naar de beschutte Hoftuin? Of zet hij door en besluit hij tot een ontmoeting met de Boez? Bijvoorbeeld?


Deze blik van Bel kennen wij nog niet. Hij steekt bovendien zijn tong uit en wij weten niet waarom. Als u zijn tong beter wilt bekijken, kunt u op de foto klikken en dan krijgt u hem vol in beeld.....
Maar, wat doet Iwan?


Iwan wil even bedenktijd. Bovendien komt net de vuilniswagen aangereden en die maakt behoorlijk wat lawaai. Maar gelukkig doen de mannen wat ze moeten doen en de zakken worden opgehaald. Dat ruimt lekker op. Bel houdt blijkbaar niet van gemeente-wielhuizen en is plots verdwenen. De Boez heeft het ook op zijn heupen gekregen, en is door de door ons net geopende deur naar binnen gevlucht. Iwan wacht tot de vuilniswagen voorbij is.


Als de zakken zijn opgehaald en de vuilniswagen voorbij is, steekt Iwan de straat over en komt richting poezenloket. Het loket is echter gesloten. Maar gelukkig is de deur open.


Hai Iwan! Leuk dat je met ons bent meegekomen en dat je weer een kijkje komt nemen op de redactie! Wat gaan we deze keer bespreken? Ben je geïnteresseerd in Cera of kom je voor de Boez? Of wil je ons iets vertellen?
(Wordt vervolgd.)

Twee maal 10.000!

De 10.000ste heeft zich gemeld. Twee keer zelfs, dat wil zeggen: twee verschillende bezoekers! Zij waren vanochtend vroeg tegelijkertijd op de blog te vinden! Daar de teller pas een bezoek registreert wanneer de bezoeker het katblad weer verlaat, kunnen wij dus niet vaststellen wie als eerste kwam. Daarom hebben zij beiden de attentie van ons verdient! Wij zullen nog contact met hen opnemen. Gefeliciteerd, Betty uit Laren en Angelo uit Leiden!

Drie keer niks.


Bohr:
Wel, u bent een beetje aan de late kant, vindt u zelf ook niet? Ja, mijn eigen mensen serveren gewoonlijk het avondmaal ook niet zo vroeg, maar van u had ik anders verwacht. Bent u opgehouden? Oh, Cera zat bij u voor de deur. En ze vroeg uw aandacht dus. En u dacht niet: die Bohr zit op mij te wachten dus moet ik voortmaken? Oh, u heeft het kort gehouden. Wel, kom dan maar gauw mee naar mijn eetplaats.



Mijn bakjes zijn inderdaad nagenoeg leeg, dus ik zit al een tijdje op een houtje te bijten. Bij wijze van spreken ja. Nee, ik heb vandaag niet veel gedaan. Beetje in de vensterbank gelegen en op het grote bed. Zeg nu zelf, er is weinig vermaak hier in huis, heh? Ik heb niet eens een klimpaal en de muizen zijn ook op. Ik had eerlijk gezegd wel van u verwacht dat u iets meer zorg voor mij zou tonen. Nou, in de vorm van een cadeautje bijvoorbeeld. Maar ik geloof dat dat er niet in zit, is het wel? Zeker druk met dat katblad? Dacht ik al. Krijg ik nou nog eten of hoe zit het?



Nee, die vistroep hoef ik niet. Ruikt niet goed, nee. Heeft u uit de koelkast gepakt? Nou, volgens mij is het niet goed meer. Nee, ik blief het echt niet. Ik eet wel weer die saaie brokken. Bij gebrek aan iets anders inderdaad. Wel, ik moet vaststellen dat de zorg niet overhoudt. Geen kleine attentie, bedorven vis, geen muziekje erbij, niks. Ja, wat mij betreft mag u weer gaan. En gaat u thuis maar eens even nadenken over hoe het u weer goed kan maken. Met mij ja. Nee, deze keer was het drie keer niks, die zorg van u.

Een half brokje mag ook.


Cera:
Ja, ik weet dat het al laat is. En donker ook inderdaad. Maar ik dacht dat u misschien nog wel even tijd voor mij had. Wel, ik dacht dat u wellicht misschien nog een brokje kon missen? Of twee? Nee, ik weet dat u geen voedselpakketten uitdeelt. Maar een enkel brokje is ook voldoende. Nee? Een halve dan?



En als ik nu eerst eens voor u poseer? Dat ik dan, daarna, als tegenprestatie....? Oh, u moet weg. En wat gaat u dan doen, als ik zo vrij mag zijn? Ik bedoel, heeft u dringende zaken af te handelen? Zo dringend dat u mij hier zomaar achterlaat?


Ach. Bohr eten geven. Ja, dat lijkt me inderdaad dringend genoeg. Nee, dan hou ik u verder niet op. Gaat u maar ja. Maar, als u het goed vindt, blijf ik hier dan wel op u wachten. Tenzij u lang wegblijft natuurlijk. Ja, dan heeft het weinig zin om hier te zitten. Dan kan ik net zo goed naar huis gaan. Misschien doe ik dat ook wel, ja...

dinsdag 3 februari 2009

Ik beloof niks.


Kaija:
Joehoe! Mevrouw Katblad! Ja, maakt u maar een foto. Nee, ik weet niet wie dit vreselijke stuk plastic heeft achtergelaten in de Kruidentuin, maar ik verdenk die werklui ervan. Nee, ik kan het niet bewijzen, dus zet het ook maar niet in uw krant. Maar het is geen gezicht en het maakt het mij onmogelijk om dat gedeelte van de tuin te bewaken. Er kan van alles onder zitten inderdaad, en ik ben niet van plan om dat uit te zoeken. Waar ik nu ben? Wel, kijkt u maar even naar rechts. Ja, de nieuwe parkeerplaats. Nou ja, de nieuwe indeling daarvan dus. Van de parkeerplaats, ja.



Ja, ik doe vandaag bumpercontrole. Niet dat die bumpers van tegenwoordig nog wat voorstellen heh? Maar goed, al zien ze er niet meer uit als ouderwetse bumpers, ze moeten toch gecontroleerd worden en ik ben daarvoor de aangewezen persoon. Ja, die witte en rooie heb ik al gehad. Die waren inderdaad niet erg bijzonder, maar deze, waar ik nu mee bezig ben, ruikt op zijn minst bijzonder.



Nee, ik ben er nog niet achter wat voor lucht ik nu ruik, maar ik kom daar waarschijnlijk wel achter. Ja, daar heb ik wel even wat tijd voor nodig. Voor ik er uit ben inderdaad. Nee, als ik u was zou ik daar niet op wachten. Het begint al wat te motteren ja. Spatjes op uw camera zeker? Nee, dan zou ik maar gauw naar de redactie terug gaan. Ja, als ik iets te melden heb voor uw krant, kom ik wel even langs. Ik beloof niks, nee. Waar woont u ook alweer?

Vier poezen op de redactie?


Er werd toch wel heel erg druk in een van de kattenbakken gegraven. En erg lang ook. Dus we gingen maar eens kijken wat er aan de hand was.
Wie had er nu weer een puinhoop van gemaakt? Wie verdiende een strenge preek?



Japekop en mevr. Troy waren het niet. Deze twee zaten al een tijdje in de vensterbank te klooien. Of was het zooien? In elk geval was het voor hen tijd om het poezenloket te openen, dus deden we dat maar gelijk. Maar wie had er nu toch in die kattenbak zitten zooien? Wij gingen naar de achterkamer om de schuldige te traceren.


Een van deze twee moest het zijn. Maar eh....., er werken toch maar drie katten op de redactie? En wij hadden er toch net twee naar buiten gelaten? Die ene met die witte nek kwam ons wel bekend voor, dat moest Zoebel, pardon Boezel zijn. Wie was dat dan, daar onder de tafel?



Slanke pootjes als van een model, weggedoken, laat zich "pesten" door de Boez? Erg lang hoefden wij eigenlijk niet na te denken.


Onze deur was slechts enkele seconden open geweest, en wel bij het buiten zetten der vuilniszakken. Opeens herinneren wij ons ook dat er wel erg hard (qua geluid dus) van de brokjes was gegeten. Maar wij hadden daar niet veel aandacht aan geschonken. Je kunt immers niet altijd op je qui vive zijn want voordat je het weet ga je richting paranoide. Wij hebben daar toch al eens last van wanneer mevrouw Troy weer eens wat zit te niezen of proesten; vanwege haar hoge leeftijd denken wij dan gelijk dat zij misschien wel op haar eindje loopt en overwegen dan de aanschaf van een zuurstofapparaat. Sterk overdreven ja, we weten dat best. En als het buiten glad is, zien wij in gedachten onze verkenner Japekop van het dak afglijden en rusten niet voordat hij zich gezond en wel weer heeft gemeld voor de binnendienst.
Dus af en toe sluiten wij ons een beetje af voor alle geluiden om ons heen, en zo kon het gebeuren dat wij al minstens een uur lang onopgemerkt een extra poezenbeest in huis gehad hadden. Tot nu dus. Ja, tot het irritante gegraaf in het rond de kattenbak.


U had het vast ook al geraden: het was natuurlijk Cera. De Boez was wel in voor een spelletje met haar. Maar Cera voelt zich blijkbaar het lekkerst als zij ergens onder kan kruipen...


Boez deed erg zijn best om Cera onder de tafel uit te krijgen. Daarbij produceerde hij constant zijn zogenaamde PRRRR-geluidjes. Niet dat zijn inspanningen succes hadden. O nee.



Hier zien we voor het eerst duidelijk dat het toch echt om Cera gaat. En uit haar blik begrijpen wij dat zij niet van plan is het leuk te hebben. Waarschijnlijk heeft zij haar buikje rond gegeten en was zij liever een dutje gaan doen. De Boez begreep dat natuurlijk weer niet. Hij moet nog veel leren.


Boez bleef aandringen. Cera bleef afwijzen. Doch in deze positie was het voor haar niet mogelijk om Boez een mep te verkopen. Schaakmat?


De Boez gaf niet op. Hij probeerde van alle kanten Cera uit haar schuilplaats te krijgen. Hoe lang moesten wij dit laten voortduren?



Als wij niet ingrepen, zat Cera daar over een uur nog. En huppelde de Boez nog steeds om de tafel heen. Zo kunnen wij niet werken, jongen en meisje! Het werd voor ons dus tijd om tot actie over te gaan. Hoe kregen wij Cera naar buiten?
Eerst zetten wij onze buitendeur open omdat Cera graag bij voorkeur vlucht via een uitgang die gesloten is. Wat natuurlijk altijd een hoop verwarring en paniek geeft. Het raam hadden wij al open. Zo kon Cera kiezen tussen twee vluchtroutes.


Wij maakten vervolgens nog een laatste foto van Cera. Want, willen wij haar in beweging krijgen, moet er in de handen geklapt worden. En dat gaat beter zonder camera.
De vlucht naar buiten hebben wij derhalve niet op de kiek kunnen zetten. Maar gelooft u ons maar: ze ging wel!

Bent u het???

Morgen verwachten wij onze 10.000 ste bezoeker, of misschien komt hij vandaag al?
In elk geval, als u het bent, meldt u dan via het e-mail adres dat u kunt vinden door "Mijn volledige profiel weergeven" (in de rechter kolom van ons katblad) aan te klikken, of via "reacties" hieronder! U krijgt geen auto, geldprijs of reis aangeboden, maar wel een aardige attentie....

maandag 2 februari 2009

Iedereen binnen....


Wij maakten gistermiddag even een rondje door de katbladbuurt. Geen kat te zien op straat; zeker te koud heh? Maar we zagen er wel een paar achter de ramen......
Hier ziet u Simba. Kijkt een beetje verstoord. Zo van: wat mot je? Wij trokken daar ons natuurlijk niets van aan en zetten Simba op de foto. Hij zal het er wel niet mee eens zijn.


Toen gingen we verder door de straten, langs de huizen. Lekker naar binnen gluren dus....
Eindelijk, in het Hof zagen we weer wat. Harremans lag op de vensterbank. Lijkt het maar zo of kijkt hij een beetje sip? Zeker de verveling. Maar waar was broer Panda? We speurden de tuin af, maar tevergeefs. Nee, waarom zou je nu de tuin in gaan? Misschien om even te toiletteren, maar vervolgens kun je dan niet eens je plas begraven. De grond is keihard en ijskoud!
We liepen twee stappen verder en zagen Panda toen zitten achter het andere raam. Ja, logisch toch? Hoewel, wij kennen ook veel katten die liever op het dekbed liggen dan in de vensterbank.


Nou, Panda keek ook niet zo blij. Terwijl hij daar toch geen slecht plekje heeft! Misschien had hij iets voor de partij "Hof is Vol" willen doen? Poortwacht? Vreemdelingen uit de tuin meppen? Nou Panda, er is geen vreemdeling te bekennen. En als er al een was, zou hij echt niet in de tuin blijven rondhangen met deze kou. Als je dan perse wat wilt gaan doen, zoek dan maar een breiwerkje om uit te halen.


Een eindje verderop zat Bohr in de vensterbank. Ook al zo'n mooi plekje maar ook niet zo blij, zo te zien. Geen insecten te vangen, Bohr? Ook geen breiwerkje om uit te halen? Ja, we komen straks nog even bij je op visite om je te aaien. Eerst ons rondje afmaken. Later!

Gekrijs...


Er was weer eens paniek in de tent. Of liever gezegd: buiten. Een vreemd geschreeuw en angstig gekrijs lokte ons naar het poezenloket. Daar zagen wij Storm, die zich, geschrokken van onze plotselinge bemoeienis, van het loket verwijderde. Waar was nu zijn slachtoffer? Wij gingen naar buiten om het arme beestje te zoeken.....


Ach, natuurlijk. Cera. Ons topmodel, hulpverslaggeefstertje en verkenner in opleiding, had zich weer eens laten belagen.



Na een stevige aaibeurt kwam zij weer wat tot rust. Nee, het is niet zo makkelijk om je personeel te beschermen en tevreden te houden!

De nodige beweging


Ollie:
Mevrouw Katblad, ik vind dat aan dat gegluur van u maar eens een einde moet komen. Ja, ik erger me daar behoorlijk aan. Ik ga expres heel vroeg in de ochtend even naar buiten omdat ik dan onbekeken wat rond kan snuffelen. Dat lukt me inderdaad altijd. Nee, ik word nooit bespied en wou dat graag zo houden. Dus u bent een spelbreker inderdaad.



En voordat u die vervelende vraag weer gaat stellen: nee, ik ben niet afgevallen. En ja, ik ben dus nog steeds veel te dik. En als ik voortaan mijn ochtendrondje niet meer kan maken omdat u mij staat te begluren, wordt dat er niet beter op. Nee, dan kom ik helemaal niet meer buiten, mis dan dus de nodige beweging en zal vervolgens nooit meer afvallen. Ja, dat is dan uw schuld; ik houd u daar verantwoordelijk voor ja. Dus doet u mij voortaan een lol en blijf met die knipkast van u achter de gordijnen zitten tot ik klaar ben! Kunt u daar nu mee beginnen, a.u.b.??

zondag 1 februari 2009

Mevr. Troy regelt het weer.


Ja, daar zit hij weer. Bel de Franskat. Met zijn brutale snuit pontificaal voor het raam, op het tafeltje van het Poezenloket.



De Boez ziet hem het eerst en is uit veiligheid maar voor het andere raam gaan zitten. Boez maakt vreemde geluiden. Wij verstaan hem niet. Ontwikkelt hij een nieuwe taal die wij niet begrijpen? Dat zou werk aan de winkel betekenen. Weer een taal erbij leren......



Als Bel de Franskat via het loket binnen dreigt te dringen, vindt mevrouw Troy dat ze moet ingrijpen. Want al zit ze niet meer zo vaak bij het loket en is haar baan als receptioniste teruggebracht tot slechts enkele uurtjes per dag, ze blijft het weren van de brutalere soortgenoten als haar taak zien. Bovendien is er niemand anders in huis die optreedt in dit soort gevallen.


Haar zoon Japekop kijkt toe hoe zijn oude moeder Bel uit het raam jaagt. Zo, die klus is weer geklaard. Is Bel wel echt verdwenen?



Mevrouw Troy controleert het tafeltje en de potplanten. De "jongens" wachten rustig af tot ze daarmee klaar is. Moeder de vrouw regelt het wel weer. En waarom zou je je dan, als flinke vent, ermee bemoeien, heh? Nee, gemak dient de eh.. kat! Het zogenaamde zwakke geslacht blijkt alweer de sterkste in dit geval.



Japekoppie komt nog even controleren. Of die Bel nu echt wel weg is, zodat hij zonder problemen in- en uit kan springen. Mevrouw Troy ziet dit als een motie van wantrouwen en geeft haar zoon een snauw. Terecht vinden wij. Eerst een ander het vuile werk laten opknappen en dan nog commentaar leveren ook? Het moest niet mogen.



Maar Bel is niet helemaal weg. Hij zit wat in elkaar gedoken op de buitentafel. Het is ook niet niks als je door een oud wijffie op je nummer wordt gezet. Je voelt je dan opeens zo klein en nietig, heh?
Er verstrijkt enige tijd. De jongens gaan naar buiten. De Boez om allerhande troep (hijzelf noemt dat "prooi") te verzamelen en naar binnen te brengen, Japekoppie om een verkenningsronde te maken. Niet te lang natuurlijk want het is koud en hij heeft ook al het dak moeten inspecteren. En je kunt het ook overdrijven.
Het raam blijft nog even open want misschien zijn er poezen die hun klachten willen komen bespreken, iets aan willen vragen of zich op komen geven voor een cursus (er is nog plaats bij de opleiding Verkenner A). Er komt echter niemand langs. Te koud natuurlijk. Eigenlijk is het ook gekkigheid dat het poezenluik geopend is bij deze temperatuur.
Dit overdenkende, klinkt er opeens gekrijs van buiten. We gaan natuurlijk direct kijken.....


Ach, de kleine Boez (die best al groot wordt) heeft ernstige last van de Franskat. Bel is zo gaan zitten dat Boez niet meer naar binnen druft, en zit vervaarlijk te grommen. Wij vrezen dat wij de kleine moeten gaan redden, anders loopt hij misschien een trauma op en dat kunnen wij ons niet veroorloven. Maar mevrouw Troy is zich dat ook bewust.



Zij zit net even met haar zoon te smoezen als de hel buiten losbreekt. Ze weet dat zij niet op haar zoon hoeft te rekenen. Pavlov, weet u nog? Ja, dat geldt ook voor dit soort situaties!



En als Bel dan ook nog zijn grijnzende tronie door het poezenloket steekt, is voor mevrouw Troy het startsein gegeven. Tijdens haar vorige wegjaagactie was zij waarschijnlijk te lief gebleven, dus moeten de zaken nu beter worden aangepakt!



Met superdikke staart gaat zij achter Bel aan. En gillen kan zij ook! Wij kunnen met zekerheid vaststellen dat onze deeltijdreceptioniste heel erg boos is.
De Boez weet veilig te redactie te bereiken. Bel laat het nu wel uit zijn hoofd om op de tafel te gaan zitten. Dat enge wijf is nota bene de straat op gekomen en komt hem achterna! Nee, Bel heeft het nog nooit zo zout gegeten en schrikt echt van de resolute, oude, vervaarlijk krijsende dame. Zal hij zich achter de tafel gaan verschuilen?


Japekop houdt de situatie goed in de gaten. Niet dat hij zijn moeder wil gaan helpen, maar waarschijnlijk voor de sensatie. Of schatten we hem nu helemaal verkeerd in?
We komen daar, op dit moment althans, niet achter.


Want Bel gaat er helemaal vandoor! Jazeker, hij vreest de oude dame dusdanig dat hij besloten heeft zich uit de voeten te maken. Niet alleen van de tafel vandaan maar helemaal de katbladstraat uit. Naar veiliger oorden waarschijnlijk. Wij zijn wederom erg trots op mevrouw Troy.



T. Troy wacht rustig tot zij met eigen ogen heeft gezien dat de Franskat de hoek om is gegaan. Daarna neemt zij plaats op het tafeltje naast het loket en wacht nog een kwartiertje tot zij zeker weet dat de brutale Bel niet is teruggekomen.
Dan besluiten wij het raam te sluiten en roepen mevrouw Troy naar binnen. Dankbaar stapt zij door het loket, doet een plasje op de bak (ja, toch een beetje de zenuwen heh?) en vervolgens, na een paar seniorenbrokjes genuttigd te hebben, gaat zij voor haar dutje naar boven. De jongens hebben andere plannen. Zij besluiten elkaar maar even dwars te gaan zitten. Maar dat moeten ze natuurlijk helemaal zelf weten.